Uit mijn dagelijkse routine, of wat ik kan leren van de co-assistent.

Vorige week dinsdag deed de co-assistent met mij de poli mee. In het weekeinde daarvoor had ik mijn eerste 2 dagen zelfstandig op de covid-IC gewerkt. Ik was wel een aantal dagen ingewerkt, maar werd toen op sleeptouw genomen door één van de intensivisten. Nu was ik ineens de covid-IC zaaldokter. Beide dagen was ik druk in de weer geweest met twee patiënten. Ja, je leest het goed, twee patiënten. Een hele dag. Maandag was ik vrij, natuurlijk om bij te komen van die twee patiënten.

Alles is anders. Normaal draag ik alleen op de OK klompen

De co-assistent had zojuist een patiëntje bekeken: een jongetje van een paar maanden oud. Ze had wat dat betreft geluk. De meeste nieuwe patiënten worden nu telefonisch ‘gezien’, maar dat gaat bij kinderen niet zo goed. Die komen met hun ouders op de polikliniek. Ze had zich dan ook goed voorbereid en kwam met een goed onderbouwd kant en klaar plan terug. Nadat we samen het jongetje hadden bekeken en met de ouders het plan hadden besproken, praatten we wat verder over haar ervaringen tot nu toe. Ze vertrouwde me toe dat ze het hartstikke spannend vond. De eerste patiënt bij de urologie en dan ook nog een klein kind. “Bij elk co-schap is het weer anders,” zei ze. “Een andere afdeling met andere collega co-assistenten. Vaak in weer een ander ziekenhuis met andere mensen en andere gebruiken. En al neemt je ervaring met elk co-schap toe, je komt steeds weer als een beginneling binnen. En dat kost best wel energie.”

En plotseling was daar de herkenning. Zo had ik ook op de covid-IC gelopen. Weliswaar in mijn ‘eigen’ ziekenhuis waar ik heel veel mensen ken. Maar toch, heel onwennig; alles was nieuw en anders. Zelfs praten met de familie van de patiënten vond ik lastig. Niet het gesprek op zich, maar de inhoud. Normaal gesproken kun je daarbij varen op je ervaring met de urologische problematiek. Maar daar heb je bij covid-19 patiënten helemaal niets aan.

En toch is deze ervaring goed, daar waren we het snel over eens. Om weer eens helemaal los gerukt te worden uit je dagelijkse routine. Om niet terug te kunnen vallen op je ervaring. Om een hele dag bezig te zijn met een paar patiënten. Om over van alles en nog wat te overleggen met je supervisor. Om je druk te maken over zaken waar je je normaal niet mee hoeft bezig te houden. Je gaat met andere ogen kijken en met andere oren luisteren; veel intenser. Je zuigt alle informatie en ervaringen op. En daar word je uiteindelijk een betere dokter, en misschien ook wel een beter mens van.

Onderbreking bevolkingsonderzoek borstkanker kost 500 vrouwen het leven. Klopt dat?

Het tijdelijk stilzetten van het bevolkingsonderzoek naar borstkanker vanwege de coronacrisis en de oplopende wachttijden, kost meer dan vijfhonderd vrouwen de komende jaren het leven. Dat heeft het Alexander Monro Ziekenhuis in Bilthoven berekend.

citaat van de site van het Parool, zondag 7 juni 20:15

Het 20u NOS journaal van 7 juni opende ermee. De tijdelijke onderbreking van het bevolkingsonderzoek borstkanker zou ernstige gevolgen hebben. Medici zouden dan ook blij zijn dat de bevolkingsonderzoeken weer opgestart gaan worden. De boodschap is afkomstig van het Alexander Monro ziekenhuis. Het enige ziekenhuis in Nederland dat zich volledig toelegt op borstkanker. Het ziekenhuis stelt dat deze onderbreking de komende jaren meer dan 500 vrouwen het leven zal kosten. Het bericht werd vervolgens massaal door andere media overgenomen. Als voorbeeld hierboven een citaat van de website van het Parool. Hoe is dat getal tot stand gekomen? Het klinkt mij als een absurd aantal: meer dan 500.

Update 10 juni. Inmiddels heeft het Parool de boodschap sterk aangepast. Die aanpassing is gepubliceerd nadat ik dit blog had gepubliceerd. (Ik weet niet of er een oorzakelijk verband is.)

Doorgaan met het lezen van “Onderbreking bevolkingsonderzoek borstkanker kost 500 vrouwen het leven. Klopt dat?”

Screening op longkanker bij (ex)-rokers? Uitleg van een groot onderzoek

Vorige week werden de resultaten gepubliceerd van een groot Nederlands-Belgisch onderzoek naar screening op longkanker bij rokers: De Nelsonstudie. Het onderzoek werd gepubliceerd in het vooraanstaande medische tijdschrift: New England Journal of Medicine. Nelson staat voor: Nederlands-Leuvens longkanker screeningsonderzoek. In deze bijdrage leg ik uit wat in dit onderzoek werd gevonden.

Resultaten van de Nelsonstudie

In de gescreende groep overleden 26% minder mannen aan longkanker dan in de controlegroep.

(lees verder om te weten wat dit betekent)

Doorgaan met het lezen van “Screening op longkanker bij (ex)-rokers? Uitleg van een groot onderzoek”

Door MRI prostaat minder prikken in de prostaat?!

De diagnostiek bij mannen die mogelijk prostaatkanker hebben wordt anders. Dat meldden de NOS journaals vanmorgen en ook net het 20u journaal. Er zal nu eerst een MRI scan worden gemaakt en aan de hand daarvan zal worden beslist of er in de prostaat geprikt moet worden. Daardoor zal bij veel mannen zo’n pijnlijk onderzoek niet nodig zijn.

“Door de MRI-scan worden inderdaad minder mannen in de prostaat geprikt. Maar, als ze geprikt moeten worden, worden ze wel vaker geprikt. “

Dat laatste werd niet verteld. Er staan nog een paar fouten in het bericht. Dat is vervelend. Want ik heb vandaag op het spreekuur aan een aantal mannen al uit moeten leggen wat er wel in de nieuwe richtlijn staat.

bericht op de website van de NOS
Doorgaan met het lezen van “Door MRI prostaat minder prikken in de prostaat?!”

De overleving van kanker verbetert. Wat zegt dat eigenlijk?

Het 20u journaal opende er vanavond mee. De NOS baseert zich op de Nederlandse Kankerregistratie (NKR, in te zien via IKNL)

1. Bericht op de site van het integraal kankercentrum Nederland (IKNL)

Tussen 1990 en 2013 nam de 5-jaars overleving van alle kankerpatiënten bij elkaar toe met 51% Patiënten bij wie de diagnose werd gesteld in 1990 hadden een 5-jaarsoverleving van 43%. In 2013 was dat 65%. Ik pleit er echter al jaren voor om alleen nog maar sterftecijfers te publiceren. Waarom: overlevingscijfers geven voor veel vormen van kanker een vertekend beeld. Ik zal in dit blog proberen uit te leggen hoe dat komt.

Doorgaan met het lezen van “De overleving van kanker verbetert. Wat zegt dat eigenlijk?”

18. Vroegdiagnostiek en screening versterken zichzelf

De afgelopen maanden heb ik heel veel aspecten van vroegdiagnostiek en screening besproken. Ik heb hier en daar al genoemd dat een aantal effecten zichzelf versterken. Dat werk ik in deze aflevering verder uit.

BVO darmkanker redde mijn leven
Figuur 1. Patiënten die zijn genezen ‘dankzij’ screening zijn meestal wandelende reclameborden. Dat is heel begrijpelijk. Tegelijkertijd is het één van de versterkende effecten.
Doorgaan met het lezen van “18. Vroegdiagnostiek en screening versterken zichzelf”

17. Samenvatting van de gevolgen van vroegdiagnostiek

In de afgelopen maanden zijn veel aspecten van vroegdiagnostiek aan de orde geweest. Ik kan me voorstellen dat je door al die informatie door de bomen het bos niet meer ziet. Vandaar deze samenvatting. De opbouw is wat anders dat in de eerdere hoofdstukken. Ik geef een opsomming van de effecten die kunnen optreden en waar je de uitleg terug kunt vinden. Dat heb ik gedaan omdat een aantal effecten op meerdere manieren optreden.

BVO darmkanker
Figuur 1. In de herhaling: de paarse envelop voor de poeptest van het bevolkingsonderzoek darmkanker.
Doorgaan met het lezen van “17. Samenvatting van de gevolgen van vroegdiagnostiek”

16. Vroegdiagnostiek en de overlevingskansen van kanker

Het is een goede gewoonte om het beste voor het laatst te bewaren. Dat heb ik dan ook gedaan. Het gaat deze keer over overlevingskansen. Ik zal laten zien dat met screening de overlevingskansen verbeteren… ook als screening helemaal niet werkt. Dat klinkt ongeloofwaardig, maar het is echt waar.

Schermafbeelding 2018 12 08 om 13 50 58
Figuur 1. Bericht op de website van het IKNL (Integraal kankercentrum Nederland) over de overlevingskansen van kanker. Dit bericht is breed in de Nederlandse media verspreid.
Doorgaan met het lezen van “16. Vroegdiagnostiek en de overlevingskansen van kanker”

15. Effect van vroegdiagnostiek op kankerstadium en kwaadaardigheid

Een kort hoofdstuk deze keer.

In hoofdstuk 11 heb ik besproken dat de ene kankersoort kwaadaardiger is dan de ander. Ik heb ook laten zien dat agressieve tumoren een korte lead-time hebben vergeleken met minder agressieve tumoren. Dat zou gevolgen moeten hebben voor de tumoren die met screening worden gevonden. In hoofdstuk 12 heb ik gezegd dat je met screening vooral minder kwaadaardige tumoren vindt. Beide hoofdstukken waren vooral theoretisch met allemaal ingewikkelde figuren. Treden de effecten die ik heb beschreven in werkelijkheid ook op? Daar gaat het deze keer over. En ook nu ontkomen we niet aan  een grafiek

Gleason vs ISUP
Figuur 1. Schematische weergave van de kwaadaardigheid van prostaatkanker volgens het Gleason systeem. Links de originele tekening van Gleason, rechts de revisie uit 2015.
Doorgaan met het lezen van “15. Effect van vroegdiagnostiek op kankerstadium en kwaadaardigheid”

Intermezzo: voordracht van H. Gilbert Welch. Screening is a choice.

Ik heb nu 14 weken lang braaf elke week één nieuw blog geplaatst in de serie ‘alles over screening’. Deze week doorbreek ik de serie met een intermezzo. Op initiatief van de zorgverzekeraar VGZ bracht Gilbert Welch een bezoek aan Nederland. Dat resulteerde in een druk bezocht symposium in het Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis (AvL): Screening is a choice. Het werk van Welch gaat precies over alle onderwerpen die in deze serie aan bod komen. Daarom leek het me een goed idee om deze week een impressie van die bijeenkomst te plaatsen.

Welch tijdens presentatie

Figuur 1. H. Gilbert Welch aan het woord in het AvL (foto AvL)

Doorgaan met het lezen van “Intermezzo: voordracht van H. Gilbert Welch. Screening is a choice.”