Blogs

Een heel diepe buiging voor alle verpleegkundigen

“Volgens mij heb je dat veel vaker gedaan, je doet het zo handig”, zegt één van de IC-verpleegkundigen tegen mij. Mijn eerste nachtdienst op de IC. Een beademde patiënt moet worden gedraaid. Overdag en ’s avonds is er een draaiteam: medewerkers van de OK die onder leiding van een anesthesioloog de patiënten draaien. ’s Nachts is er geen draaiteam en doen we het zelf. De intensivist staat als dirigent aan het hoofdeinde en samen met een aantal verpleegkundigen draaien we in een aantal stappen de ruim 100 kilo zware patiënt van de buik op rug.

ABCDE: een levensreddend rijtje (en niet alleen op de IC)

“Kunnen jullie NU komen?!” Ik sta met één van de intensivisten al een poosje aan het bed van een patiënt om te kijken of we de beademing beter kunnen krijgen. Het is één van mijn eerste avonddiensten en daarom durf ik nog niet zoveel zelf aan de instellingen van de beademingsmachine te veranderen. De vraag komt van de verpleegkundige bij het tegenoverliggende bed. Er klinkt geen paniek, maar aan de klank van haar stem is wel volstrekt duidelijk dat we NU moeten komen.

Familie: belangrijke schakel op de IC

“Wat ziet hij er goed uit!” Blij verrast kijkt de echtgenote naar haar man die met netjes bijgewerkte baard en gekamde haren in het IC bed ligt. Voor even zijn de zorgen vergeten. Voor even ligt hij niet aan een beademingsmachine, staan er geen infuuspompen en hangen er geen monitoren naast hem. Voor even is het haar man en geen patiënt. Ik sta een stukje verder en ondanks het mondmasker, de muts en de dubbele bril zie ik, naast glimmende ogen, een brede lach op haar gezicht.

covid-IC training: een goed begin

Vrijdag 23 oktober, we zitten met 10 medisch specialisten in de collegezaal voor de IC-training. Het is mijn beurt voor het voorstelrondje. “Het is heel goed dat we dit doen. Inhoudelijk vind ik het aan de ene kant wel interessant om te gaan doen, maar aan de andere kant vind ik het ook heel spannend. Ik heb tijdens mijn vooropleiding in 1997 drie maanden IC-stage gedaan, in een vorig leven dus.” Ik hoor nog negen keer een vergelijkbaar verhaal: belangrijk, hoog nodig, interessant, maar ook spannend. Iedereen zit in hetzelfde schuitje.

Applaus voor de intensivisten, dirigent van de IC

“Kan ik even met je overleggen over een patiënt?” Dit is mijn vijfde IC-dienst. Ik zou me zelf nog zeker niet ervaren willen noemen. Maar ik begin wel een beetje te wennen. De dienstdoende intensivist zit achter een computer. Hij heeft net telefonisch overlegd met één van mijn collega’s en daarvoor had hij nog een intensivist uit een ander ziekenhuis aan de lijn over een overname. “Natuurlijk. Wat is het probleem?” Ik leg hem uit dat ik me wat zorgen maak over één van de patiënten waar ik voor zorg.

Moe… moe

“Ik… Ben… Zo… Moe…” Ze zegt het, nauwelijks verstaanbaar. Ik moet haast liplezen en pas nadat ze het twee keer heeft herhaald, begrijp ik wat ze zegt. Ik voel me direct schuldig. Dat ene zinnetje kostte al zoveel inspanning en dan moest ze het voor mij nog een paar keer herhalen ook. Ze ligt er hulpeloos bij; zo’n klein vrouwtje in zo’n groot IC bed met daarnaast alle bewakingsapparatuur en infuuspompen.

Van de IC naar muziek: omgaan met complexe gegevens

Routineus kijkt de IC-verpleegkundige naar de schermen waarop continu een aantal gegevens over de beademing en circulatie van zijn patiënt worden getoond. “Ah, ik zie dat de FiO2 wel weer wat naar beneden kan”, mompelt hij, meer dan dat hij het zegt. “Hoe weet je dat zo snel?” Het is mijn eerste dag waarop ik min of meer zelfstandig voor 2 patiënten op de covid-IC zorg. Ik sta naar dezelfde schermen te kijken en ik zie dezelfde getallen en dezelfde grafieken. Toch is het voor mij helemaal niet direct duidelijk waarom de FiO2 omlaag kan.

(inter)collegiaal

“Het gaat niet goed goed met hem.” Ik sta met de intensivist bij het bed van één van mijn patiënten en bespreek de problemen. “Er moet een echo worden gemaakt en misschien ook wel een CT-scan.” De intensivist is het met me eens. Eén van de radiologen is vandaag ook als art-assistent op de covid-IC aan het werk. Ik vraag of hij de echo wil maken en enkele minuten later is het onderzoek gedaan en heb ik de uitslag al.

Scheren met hart en ziel.

“Zullen we u nog scheren? U heeft zo’n stoppelige baard.” Ik sta van een afstandje toe te kijken hoe de IC-verpleegkundige en buddy ‘mijn’ patiënt verzorgen. Ze hebben hem net verschoond en zijn haren gekamd. “Maar, misschien draagt hij altijd een baard”, oppert de buddy. Zij is ervaren verpleegkundige op een andere afdeling en helpt tijdelijk op de IC. “Hm, ja, dat zou kunnen.”

Twee urologen op de covid-IC: een pluim voor de hele afdeling.

“Arjen, heb je het nieuwe covid-IC rooster gezien?” De stem van Janneke, de roosteraar van de vakgroep klonk zorgelijk door de telefoon. Ja, ik had dat rooster gezien en ik snapte waarom ze zorgelijk klonk. Dat betekent voor haar weer werk aan de winkel: op korte termijn zorgen voor voldoende bemensing op onze 3 locaties terwijl 2 urologen deels en 1 arts-assistent volledig op de IC zijn. En dat op een bezetting van 10 urologen en 5 arts-assistenten.

Laden…

Er is iets fout gegaan. Vernieuw de pagina en/of probeer het opnieuw.